GROENDAG

Een zaaier ging uit om te zaaien, hij zaaide zo wijd als de wind, zo wijd als de winden waaien waar niemand een spoor van vindt.

Het is 8 april en dat betekent: Groendag in de Commons. Onder leiding van Laura treedt een klein groepje groen-minners dapper de eerste warme zonnestralen van dit jaar tegemoet. Zaden worden gepland en plannen worden gesmeed: ‘wellicht een grote houten tafel in het midden van de communitytuin?’

Het zal de katten een worst wezen, die beslechten hun maanden lange veten nu voor eens en voor altijd: Lizzy is baas op de Cornelis Houtmanstraat, Smokey regeert over de Nieuwe Kerkstraat en daarmee is de kous af.

Ondertussen sleutelt Barish wat aan zijn fiets. Hij is net terug uit zijn geboortedorp aan de westkust van Turkije. Als antropologie-student bestudeerde hij daar de stadsplanning van de lokale bureaucraten. ‘Slechts 1 onderwerp kiezen uit al die dingen die ik daar heb bestudeerd is toch minder makkelijk dan ik dacht..’ mompelt hij terwijl de schakels worden gecheckt. Hij moet een thesis schrijven maar bemerkt in zijn onderzoek dat de bureaucraten stadsontwikkeling vooral zien als een manier om de welvaart omhoog te krikken. ‘Gentrificatie is in hun ogen de enige oplossing,’ mijmert hij en haalt vervolgens buurman David erbij om de boel van zijn Gazelle nog eens na te lopen.

Zejneb plant ondertussen haar stekjes.

David speelt voor vliegende kiep en gaat van plant, naar fiets, richting tafelproject tot lasapparaat en weer terug. Deze bekroonde kluskonig van de Commons schuwt niet om iedereen van dienst te zijn en danst zo een bouwchoreografie van helpende hand in een frivole ‘Sacre du printemps.’

Tekst: Jossie du Bois

Afbeeldingen: Jos Remmels